Het uitkopen van boeren is wéér een bail-out voor banken

Nieuws

13-6-2022 NRC

De financiers van de landbouw, de grote banken, moeten meebetalen om de stikstofcrisis op te lossen, schrijven  en .

Weet u nog de verontwaardiging na de bankencrisis, waar vele miljoenen belastinggeld werden gebruikt om banken met slecht beleid van de ondergang te redden? ‘Nooit meer een bail-out voor de banken’, was het credo toen. Niet de belastingbetaler zou boeten voor slechte beleidskeuzes, maar de eigenaars en belanghebbenden van die bank zelf. Met de mogelijke massale uitkoop van boeren door het stikstoffonds dreigt opnieuw een enorme bail-out voor banken.

Karin van Boxtel is projectleider en senior beleidsmedewerker duurzaam landgebruik bij Both ENDS.

Casper van der Kooi is bioloog bij de Rijksuniversiteit Groningen.

Drie jaar geleden zette de Raad van State een streep door het stikstofbeleid en werd Nederland in de stikstofcrisis geworpen. Sindsdien is er weinig gebeurd en nog immer ligt de vergunningverlening voor de woningbouw nagenoeg stil. Ruim 40 procent van de stikstofuitstoot komt door de landbouwsector, dus het is logisch dat de landbouwsector een grote reductie-opgave te wachten staat. Onlangs bleek uit een doorrekening van het kabinet dat de uitstoot in sommige delen van Nederland tot wel 80 procent omlaag moet en minister Van der Wal (Natuur en Stikstof, VVD) erkent dat de stikstofboodschap keihard is.

Een veelgenoemde optie om de stikstofuitstoot in de landbouwsector te verminderen is om boeren uit te kopen. Gericht uitkopen kan goed zijn voor de natuur, want het vermindert lokaal de druk op natuurgebieden. In de discussie over het uitkopen van boeren gaat het vooral over de manier waarop dat moet gebeuren en de onvrede van boeren hierover. Een essentieel onderdeel blijft onbesproken: het geld waarmee een boer wordt uitgekocht gaat niet naar de boer, maar vloeit direct door naar de financier.

Enorme schulden

Dat is een probleem, want de financiers hebben een grote rol gespeeld in de oorzaak van de stikstofcrisis. Decennialang hebben banken boeren gestimuleerd te groeien en te intensiveren. Mede door de enorme prijzen van landbouwgrond en de lage cashflow in de agrisector hebben boerenbedrijven vaak enorme schulden bij de bank. Alleen al de Rabobank – vroeger de ‘boerenleenbank’ geheten – heeft bijvoorbeeld zo’n 40 miljard euro aan leningen uitstaan in de Nederlandse food- en agrisector en nog eens 65 miljard in de wereldwijde sector. Landbouwgrond dient als onderpand voor de leningen. Omschakelen naar een meer ecologisch model wordt door de zware leningen praktisch onmogelijk.

Dit financieringsmodel met de focus op schaalvergroting en intensivering heeft ervoor gezorgd dat de biodiversiteit in het landelijk gebied dramatisch is afgenomen. In monotone landerijen is vaak zelfs geen madeliefje meer te vinden. Ook de weidevogelstand is al jaren schrikbarend laag. Kievit, veldleeuwerik, scholekster, de iconische grutto en vele andere vogelsoorten kelderen in aantallen of, zoals de kemphaan, zijn al zo goed als uitgestorven broedvogels in Nederland. In menig weiland is het stil in het voorjaar.

Vooral de financiers van de stikstofcrisis zullen profiteren van de uitkoopregeling. Want wanneer een boer wordt uitgekocht met overheidsgeld, staat datzelfde geld binnen vijf minuten op de rekening van de bank. Hierdoor legt de bank geen publieke verantwoording af voor de perverse prikkels die zij decennialang heeft gegeven en ecologische destructie die daarvan het gevolg is.

Precedent

Boerenbedrijven uitkopen zonder dat banken meebetalen heeft twee structurele problemen. Het schept allereerst een precedent voor een volgende crisis. Moeten we toekomstige problemen dan altijd maar uitkopen? Met de energie- en watercrisis voor de deur spreken we dan over astronomische hoeveelheden belastinggeld – alleen al bij de vrijwillige uitkoopregeling is middels het stikstoffonds 750 miljoen euro beschikbaar gesteld. Daarnaast schept het een precedent voor buitenlandse investeringen. Vaak gaan ook deze investeringen in de intensieve landbouw ten koste van het natuurlijk kapitaal en de mensen die juist wel duurzaam omgaan met de grond. Ook hiervoor ondervinden Nederlandse banken nog niet zelf de consequenties.

Hoe zou het stikstoffonds dan wel moeten werken? Het fonds zou een fair share van financiers moeten vragen, oftewel de financier medeverantwoordelijkheid laten nemen voor de schade. Dat betekent dat de financier bijdraagt aan het herstel van Nederland, bijvoorbeeld middels een gezamenlijk fonds waaruit lokaal herstel kan worden betaald. Daarnaast is preventie belangrijk. We moeten voorkomen dat belastinggeld nodig is om verkeerde investeringen te repareren. Door milieu-, biodiversiteits- en klimaatschade mee te rekenen in het verdienmodel, is het nauwelijks lonend voor Nederlandse banken om intensieve landbouw te financieren en juist wel lonend om meer regeneratieve landbouw van financiering te voorzien. Dan is ook meteen het probleem opgelost voor duurzame boeren die geen financiering kunnen krijgen.

 

lees artikel/document (opent nieuw scherm/tabblad) 

Deel dit bericht

tinyurl: link