Leenstelsel (2015–2023) als schuldmachine: stop studeren via schuld, afbouw bestaande studieschulden
Het leenstelsel (studievoorschotstelsel, 2015–2023) financierde hoger onderwijs via private schuld in plaats van gift. Begin 2026 stond €28,0 mld aan studieschuld uit (−€0,8 mld t.o.v. begin 2025: eerste daling ooit), bij gemiddeld €18.300 per (oud-)student (+€5.900 sinds 2015). 398.900 studenten en 1.134.300 oud-studenten hebben een studieschuld; 144.500 mensen ≥€50k (verdubbeld in zes jaar); bijna 5.000 ≥€100k. Herinvoering van de basisbeurs (2023/’24) is een gedeeltelijke stop: minder studenten lenen (−210.000 t.o.v. 2023), maar de schuldberg blijft groot, het gemiddelde stijgt, en de pechgeneratie draagt nog steeds de opgebouwde schuld. Bestaande tegemoetkoming €35,31/mnd (budget €1,0 mld) plus voorgenomen aanvullende €44,50/mnd vanaf ~apr 2027 (budget €1,4 mld) dekken slechts een fractie van gemiste basisbeurs en rente. Standpunt: tegen schulden; schulden afbouwen.
Financieel lek: €