Dienst Toeslagen keert ca. EUR 21,6 mld uit aan 6 mln huishoudens (2025): zorgtoeslag 6,54, huurtoeslag 5,29, kinderopvangtoeslag 5,14, kindgebonden budget 4,62 mld. Circa 23% krijgt een terugvordering, >500.000 huishoudens >EUR 500 (IBO 2023). Niet-gebruik 9-12% (ca. EUR 0,9 mld). Toeslagafbouw drijft marginale druk: 5% van werkenden >70%. Herstel toeslagenaffaire: budget EUR 11,8 mld (23e VGR, 2026), t/m 2025 EUR 6,9 mld besteed.
Het stelsel kiest voor gerichtheid en actualiteit: toeslagen zijn een voorschot op geschat actueel inkomen en worden achteraf vastgesteld. Wisselende inkomens en alles-of-niets-grenzen leiden tot terugvorderingen; de bewijslast en het doorgeven van wijzigingen liggen bij de burger. Dat veroorzaakt onzekerheid, schulden en niet-gebruik, en vraagt een omvangrijke uitvoering en controle.
Voorschot + terugvordering (IBO 2023). Uitvoeringskosten art. 13 Toeslagen 2025: apparaat EUR 498,4 mln + toegerekend Belastingdienst EUR 232,8 mln (incl. herstelorganisatie UHT) = 2,3-3,4% van uitkeringen.
SVB AOW 0,4%, kinderbijslag 2,3%, AIO 9,7%; UWV 9,1%; bijstand indicatief ~25%. Claim 'helft is ambtenareninzet' geldt alleen voor kleine regelingen.
IBO-opties (afschaffen zorgtoeslag, T-2 met vangnet, kindregeling), kinderopvang direct gefinancierd per 2029, definitieve toekenning na toetsing, PRO/GL-PvdA-pakket (CPB KiK 2027-2030).
Hier en nu: inkomen, vertrouwen in instituties, stress/gezondheid. Later: schulden, kansen kinderen, overheidsfinancien. Elders: n.v.t.