In 2024 maakten 551.000 mensen deel uit van een arm huishouden, 3,1% van de bevolking (dp:1983, src:2251), volgens de gezamenlijke meetmethode van SCP, CBS en Nibud (src:2416). Er waren 92.700 kinderen arm (2,8%) en 22.900 langdurig arm (0,7%) (CBS StatLine 86128NED, voorlopig, src:2415). Bijna 1,4 mln personen leven tot 120% van het sociaal minimum, onder wie 283.000 kinderen (dp:1274). Ecorys en Verwey-Jonker ramen in opdracht van SZW de maatschappelijke kosten die samenhangen met financiële kwetsbaarheid op minimaal 13,2 tot 20,0 mld euro per jaar plus PM, grofweg 8.000 tot 12.000 euro per persoon in (bijna-)armoede (dp:1269, dp:1270, src:1260). Dit is een verkenning met matig vertrouwen: samenhang, geen causaliteit.
Armoede ontstaat waar inkomen en vrij beschikbaar vermogen niet volstaan voor vaste lasten en basisbehoeften. In de bestaande deelanalyses komen terugkerende mechanismen naar voren: niet-gebruik van toeslagen door het aanvraagvereiste (ana:27), terugvorderingen en voorschotten in het toeslagenstelsel (ana:49, ana:9), de kostendelersnorm (ana:30, ana:92), stapeling van schulden en incasso (ana:4, ana:68), hoge energielasten (ana:87) en drempels in zorg en recht (ana:94, ana:97, ana:29). Deze mechanismen versterken elkaar (multiproblematiek); de kosten zijn daarom niet een op een aan een oorzaak toe te rekenen.
Effecten van de situatie zonder nieuw beleid, in € miljoen per jaar met 1 decimaal. Negatief is een nadelig effect. Lage impact is de grens die het dichtst bij 0 ligt, hoge impact de grens die het verst van 0 ligt, voor positieve en negatieve effecten. Financiële effecten zijn begrotingsuitgaven, begrotingsinkomsten en gemiste belastinginkomsten; maatschappelijke effecten zijn welvaartseffecten; risico's staan als jaarlijkse bufferpremie, kans maal schade. Overdrachten en andere bedragen die niet in het saldo tellen staan apart en tellen niet mee in het totaal. Onderaan staat het totaal.
| Effect | Lage impact € mln/jaar | Midden € mln/jaar | Hoge impact € mln/jaar | Hoeveelheid | Bron |
|---|---|---|---|---|---|
| Maatschappelijke effecten (welvaart) | |||||
| Financiele kwetsbaarheid en schulden huishoudens (eigen schatting) | -13.220,0 | -16.600,0 | -19.980,0 | 1.400.000 peiljaar 2026 | dp:1269 src:1260 |
Huidige situatie, VERKENNING, MATIG VERTROUWEN. Maatschappelijke kosten die samenhangen met financiële kwetsbaarheid, EUR mln per jaar, prijspeil 2026: laag -19.980, hoog -13.220, ValueEur -16.600 is het MIDDEN VAN DE BANDBREEDTE (rekenkundig, geen raming van de bron). Bron src:1260 Ecorys en Verwey-Jonker i.o.v. SZW 2026, Tabel 4-11 p. 49, dp:1269. Deelposten in het totaal: arbeidsmarkt en inkomen 7.210-11.540 (productieverlies, verzuim, kosten werkgevers), mentale gezondheid 3.260-4.640, sociale zekerheid 680-900, materiele welvaart 1.250-1.670 (schulden, incasso, rechtspraak, schuldhulp, dp:1273), fysieke gezondheid 490-650, veiligheid 180-250, onderwijs 90-220, wonen en leefomgeving 50-90, participatie 10-20; alle posten plus PM, daarom minimaal. Niet in het totaal: ontwikkelkansen, wooninstabiliteit, sociale uitsluiting, daderschap (PM). Kanttekeningen: samenhang, geen causaliteit; kosten verdwijnen niet volledig als armoede verdwijnt (p. 48); de post sociale zekerheid is grotendeels overdracht en strikt genomen geen welvaartsverlies (correctie zou 680-900 mln aftrekken, OPEN PUNT); het bedrag geldt voor circa 1,4 mln personen tot 120% sociaal minimum (dp:1274), 8.000-12.000 euro per persoon (dp:1270). Deelposten uit andere analyses (ana:27, ana:92, ana:93, ana:96) vallen deels binnen dit totaal en worden niet opgeteld. Opbouw per domein als deelregels 189 tot 197 (InTotaal 0, TeltInSchade 0). | |||||
| Subtotaal maatschappelijke effecten | -13.220,0 | -16.600,0 | -19.980,0 | ||
| Niet in het saldo (overdrachten en overig) | |||||
| Overdrachten (herverdeling) (eigen schatting) (telt niet mee) | -680,0 | -790,0 | -900,0 | – peiljaar 2025 | src:1260 |
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Sociale zekerheid: 680-900 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-10 p. 47). Componenten: bijstand 550-734, WW -29 tot -21, uitvoeringskosten uitkeringen 97-129, jeugdhulp 13-17, Wmo 38-50, onderschatting bijna-armen PM. Aard: grotendeels overdracht: bijstand en WW tellen volgens de MKBA-leidraad niet als welvaartsverlies; uitvoeringskosten, jeugdhulp en Wmo (148-196) zijn wel middelenbeslag. Middenbedrag 790 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 36 Overdrachten; PeilJaar 2025 alleen vanwege de unieke sleutel naast regel 185. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Subtotaal niet in het saldo (telt niet mee in het totaal) | -680,0 | -790,0 | -900,0 | ||
| Indicatoren (hoeveelheden, tellen niet mee) | |||||
| Financiele kwetsbaarheid en schulden huishoudens (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2024 | dp:1273 src:1260 src:2437 src:2438 | ||
Niet-monetair, deelpost, NIET OPTELLEN. Schulden en incasso: de kosten van schulden, incasso, rechtspraak en schuldhulpverlening van 1.250-1.670 mln euro per jaar (dp:1273, src:1260) zitten al in regel 1. Omvang: 8,6% tot 8,9% van de huishoudens heeft geregistreerde problematische schulden (dp:410, dp:438, Regionale Monitor Brede Welvaart; bronkoppeling van deze datapoints ontbreekt, OPEN PUNT). Schuldhulpverlening heeft een kosten-batenverhouding van ongeveer 1:2 (dp:1281, src:1260, lage zekerheid). Zie ana:4 en ana:68. | |||||
| Bestaanszekerheid (Niet-financieel) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | 551.000 (551.000 tot 551.000) Index peiljaar 2024 | dp:1983 src:2251 src:2416 | ||
Niet-monetair, aantal. Personen in een arm huishouden in 2024: 551.000, 3,1% van de bevolking (dp:1983, dp:408, src:2251 CBS Leven in Armoede 2025), gemeten met de gezamenlijke methode van SCP, CBS en Nibud (src:2416; voor 2023 circa 540.000 personen). Armoedegrens 2024: 1.600 euro per maand alleenwonende, 2.145 euro paar (src:2251). | |||||
| Bestaanszekerheid (Niet-financieel) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | 1.400.000 (1.400.000 tot 1.400.000) Index peiljaar 2026 | dp:1274 src:1260 | ||
Niet-monetair, aantal. Bijna 1,4 mln personen leven tot 120% van het sociaal minimum, onder wie 283.000 kinderen (dp:1274, src:1260). Dit is de doelgroep waarop de kostenraming van regel 1 betrekking heeft. Peiljaar is het jaar van de raming; de bron noemt meetjaar 2024. | |||||
| Sociale baten (veiligheid, onderwijs) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | 92.700 (22.900 tot 92.700) personen peiljaar 2024 | dp:2024 src:2415 src:2416 src:2417 | ||
PM, niet-monetair, aantal. Kinderen in armoede 2024: 92.700 (2,8%), langdurig arm 22.900 (0,7%) (dp:2024, dp:2025, src:2415, voorlopig); daarnaast 7,5% bijna-arm (src:2251). Kinderen in armoede geven hun leven een lager cijfer en hebben vaker te maken met multiproblematiek en jeugdhulp (src:2417, Kinderombudsman 2025). De bron van regel 1 raamt onderwijs op 90-220 mln euro (in het totaal); ontwikkelkansen en intergenerationele doorwerking zijn PM. | |||||
| Overdrachten (herverdeling) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | dp:1967 src:24 src:25 | ||
PM, overdracht, telt niet als schade. Niet-gebruik van toeslagen 2026: zorgtoeslag 12%, huurtoeslag 12%, kindgebonden budget 9% (dp:1967, dp:1968, dp:1969, src:24, src:25); attenderingsbrief 35% conversie (dp:1970). Het onbenutte bedrag (circa 889 mln euro per jaar) en de welvaartsschade (-140,8 mln euro per jaar) staan in ana:27 en worden hier niet opnieuw opgenomen. | |||||
| Gezondheidsverlies en sterfte (QALY/VOLY) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | dp:1977 src:1260 src:2235 | ||
PM, deel van regel 1, NIET OPTELLEN. Gezondheid: de bron van regel 1 raamt mentale gezondheid op 3.260-4.640 en fysieke gezondheid op 490-650 mln euro per jaar (src:1260, Tabel 4-11). Causaal bewijs voor een deelgroep: AIO-ouderen met kostendelersnorm gebruiken 1,8-2,4% meer medicijnen na een inkomensdaling van 1.542 euro per jaar (dp:1977, dp:1978, src:2235); zie ana:92 en ana:94. Energiearmoede en gezondheid: ana:87. | |||||
| Bestaanszekerheid (Niet-financieel) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | 396.000 (363.000 tot 437.000) Index peiljaar 2023 | dp:1791 src:1785 | ||
Niet-monetair, aantal. Energiearme huishoudens 2023: 396.000 (4,8%), bandbreedte 363.000-437.000 (dp:1791, src:1785 TNO 2024). Zie ana:87; de daar vermelde RefDamage van +782 mln euro heeft vermoedelijk een verkeerd teken en wordt hier niet overgenomen. | |||||
| Bestaanszekerheid (Niet-financieel) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | 155.600 (144.750 tot 155.600) Index peiljaar 2025 | dp:1980 src:2250 src:2269 | ||
Niet-monetair, aantal. Personen met voedselhulp van een voedselbank 2025: 144.750-155.600 (dp:1980, src:2269, secundaire bron); 32.558 huishoudens per week in 2024 (dp:1981, src:2250). Zie ana:93. | |||||
| Financiele kwetsbaarheid en schulden huishoudens (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | dp:1273 src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Materiele welvaart (schulden en incasso): 1.250-1.670 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-2 p. 37). Componenten: incasso, betalingsachterstanden en ambtelijke verwerking 655-873, griffie en rechtspraak 40-53, schuldhulpverlening 556-741, financiele tekorten gezinnen PM. Aard: grotendeels welvaartsverlies (middelenbeslag in de schuldenketen). Middenbedrag 1460 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 62 is het eigen generieke effect voor schulden. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Opportuniteitskosten arbeid (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Arbeidsmarkt en inkomen: 7.210-11.540 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-3 p. 37). Componenten: productiviteitsverlies, ziekteverzuim en loonbeslag 7.210-11.536 (Nibud 2017, 13.000 euro per voltijd werkende, 1,5 werkende per gezin, 0,5-0,6 fte). Aard: welvaartsverlies (productiviteitsverlies, verzuim, loonbeslagkosten werkgevers). Middenbedrag 9375 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: geen generiek effect productiviteitsverlies; dichtstbijzijnde is 38 Opportuniteitskosten arbeid (gederfde productie). Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Gezondheidsverlies en sterfte (QALY/VOLY) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Mentale gezondheid: 3.260-4.640 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-4 p. 39). Componenten: stress en mentale belasting bijna-armen 635-847, langdurige armoede 1.551-2.067, GGZ volwassenen 213-333, jeugd-GGZ 492-656, zelfdoding 367-736. Aard: welvaartsverlies (kwaliteit van leven) plus zorgkosten GGZ. Middenbedrag 3950 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 61 Gezondheidsverlies (QALY/VOLY); PeilJaar 2025 alleen vanwege de unieke sleutel naast regel 186. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Zorguitgaven (collectief) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Gezondheid (fysiek): 490-650 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-5 p. 40). Componenten: extra regulier zorggebruik volwassenen 435-580, kwetsbare kinderen 58-77, ongezonde levensstijl PM. Aard: zorgkosten (middelenbeslag), geen QALY. Middenbedrag 570 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 37 Zorguitgaven (collectief), omdat de bron alleen zorgkosten telt. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Sociale baten (veiligheid, onderwijs) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2026 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Onderwijs: 90-220 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-6 p. 41). Componenten: voortijdig schoolverlaten 88-219 (73.000 euro per vsv-er), ondersteuning onderwijs en leerplicht PM, leerprestaties klasgenoten PM. Aard: welvaartsverlies (levensloopkosten voortijdig schoolverlaten). Middenbedrag 155 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 73 Sociale baten (veiligheid, onderwijs). Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Sociale baten (veiligheid, onderwijs) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2023 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Wonen en leefomgeving: 50-90 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-7 p. 41). Componenten: huisontruimingen 46-92 (25.000-50.000 euro per uitzetting), wooninstabiliteit PM. Aard: welvaartsverlies (kosten huisuitzetting). Middenbedrag 70 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: geen generiek effect wonen; dichtstbijzijnde is 73 Sociale baten; PeilJaar 2023 alleen vanwege de unieke sleutel (Aedes-cijfer 2023). Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Sociale baten (veiligheid, onderwijs) (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Veiligheid: 180-250 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-8 p. 43). Componenten: slachtofferschap online criminaliteit 105-140, traditionele criminaliteit 79-105, gevoel van onveiligheid PM, daderschap PM. Aard: welvaartsverlies (slachtofferschap). Middenbedrag 215 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron. Effectkeuze: effect 73 Sociale baten (veiligheid, onderwijs); PeilJaar 2025 alleen vanwege de unieke sleutel. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Opportuniteitskosten arbeid (eigen schatting) (indicator) | geen bedrag | – peiljaar 2025 | src:1260 | ||
DEELREGEL van regel 180 (opbouw 13.2-20.0 mld). NIET OPTELLEN: InTotaal 0. TeltInSchade 0. Domein Participatie: 10-20 mln euro per jaar plus PM. prijspeil 2026 (src:1260 Tabel 4-11 p. 49. uitsplitsing Tabel 4-9 p. 44). Componenten: informele hulp 12-15 (21 euro per uur), zelfontplooiing PM, democratisch draagvlak PM. Aard: welvaartsverlies (minder informele hulp, gewaardeerd tegen vervangingswaarde van tijd). Middenbedrag 15 is het rekenkundig midden, geen raming van de bron; ValueEur tijdelijk leeg, net als regels 189-195, tot de siteweergave is aangepast. Effectkeuze: effect 38 Opportuniteitskosten arbeid (monetair, EUR mln per jaar), omdat informele hulp tegen een uurtarief is gewaardeerd; effect 12 Sociale cohesie heeft eenheid Index en past niet bij een eurobedrag. PeilJaar 2025 alleen technisch (unieke sleutel effect plus PeilJaar; 38/2026 is regel 190); prijspeil blijft 2026. Verkenning, matig vertrouwen, samenhang en geen causaliteit. | |||||
| Totaal effect huidig beleid | -13.220,0 | -16.600,0 | -19.980,0 | financiële effecten + maatschappelijke effecten + risico's | |
| waarvan eigen schatting: -13.220,0 / -16.600,0 / -19.980,0 € mln per jaar (lage impact / midden / hoge impact) | |||||
Open data: help mee. Zie je een fout, een betere bron of een ontbrekend cijfer in deze analyse? Stel een correctie of aanvulling voor. Voorstellen worden alleen door een mens beoordeeld en doorgevoerd; elke wijziging wordt gelogd.
Correctie of aanvulling voorstellenDeze analyse beschrijft de huidige situatie voor armoede als geheel en verwijst naar deelanalyses. De bedragen uit de deelanalyses vallen deels binnen het overkoepelende totaal van 13,2 tot 20,0 mld euro per jaar en worden niet opgeteld.
| Analyse | Onderwerp | Waardering huidige situatie |
|---|---|---|
| ana:4 | Acute armoede-escalatie, schulden | alleen tekst en cijfers, zwak onderbouwd |
| ana:9 | Huurtoeslag systeemfalen (pol:99) | geen bedrag |
| ana:27 | Niet-gebruik toeslagen | -140,8 mln euro per jaar |
| ana:30 | Kostendelersnorm, gerichte uitzondering (pol:113) | pakket +20 mln euro per jaar |
| ana:49 | Toeslagenstelsel, terugvordering (pol:136 tot pol:141, pol:148) | PM |
| ana:87 | Energiearmoede en gezondheid | +782 mln euro, teken vermoedelijk onjuist, niet overgenomen |
| ana:92 | Kostendelersnorm referentie | -33,1 mln euro per jaar |
| ana:93 | Voedselonzekerheid referentie | -38,4 mln euro per jaar |
| ana:94 | Zorgkosten en zorgmijding | zie ana:94 |
| ana:96 | Hersteloperatie toeslagen | -109,3 mln euro per jaar |
| ana:97 | Rechtsbescherming en toegang tot recht | zie ana:97 |
| ana:68 | Leenstelsel als schuldmachine | PM |
| ana:29 | Weigering briefadres | zie ana:29 |
| ana:75 | Preventie sociaal domein | concept |
In 2024 leefden 551.000 mensen in een arm huishouden, 3,1% van de bevolking (dp:1983, src:2251), gemeten met de methode van SCP, CBS en Nibud (src:2416). Er waren 92.700 kinderen arm (2,8%) en 22.900 langdurig arm (0,7%) (dp:2024, dp:2025, src:2415, voorlopig); 7,5% van de kinderen was bijna-arm (src:2251). Bijna 1,4 mln personen leven tot 120% van het sociaal minimum, onder wie 283.000 kinderen (dp:1274). Energiearmoede: 396.000 huishoudens in 2023 (dp:1791). Voedselhulp: 155.600 personen in 2025 (dp:1980). Problematische schulden: 8,6% tot 8,9% van de huishoudens (dp:410, dp:438).
Ecorys en Verwey-Jonker ramen in opdracht van SZW de maatschappelijke kosten die samenhangen met financiële kwetsbaarheid op minimaal 13,2 tot 20,0 mld euro per jaar plus PM (dp:1269, src:1260), grofweg 8.000 tot 12.000 euro per persoon (dp:1270). Ruim de helft is productiviteitsverlies op de arbeidsmarkt (7,2 tot 11,5 mld), circa een kwart zorg en mentaal welbevinden. Schulden, incasso en schuldhulp (1,25 tot 1,67 mld, dp:1273) zitten in dit totaal. Het is een verkenning met matig vertrouwen: het gaat om samenhang, niet om causaliteit, en de kosten verdwijnen niet volledig als armoede verdwijnt. De post sociale zekerheid (0,68 tot 0,90 mld) is grotendeels een overdracht. Het middenbedrag van 16,6 mld in de effectregel is het rekenkundig midden van de bandbreedte, geen raming van de bron.
Uitsplitsing van Tabel 4-11 (src:1260, p.49) per domein, in mln euro per jaar, prijspeil 2026, afgerond op tientallen miljoenen. De som van de posten is precies 13.220 en 19.980; de bron rondt de deeltabellen af (bijvoorbeeld 1.251-1.667 wordt 1.250-1.670, 7.210-11.536 wordt 7.210-11.540). De posten staan als deelregels bij de totaalregel en tellen niet nog eens mee.
| Post | Laag | Hoog | Aard | Bron |
|---|---|---|---|---|
| Materiële welvaart: incasso, rechtspraak, schuldhulp | 1.250 | 1.670 | grotendeels verlies | src:1260 p.49, p.37 |
| Arbeidsmarkt en inkomen: productiviteitsverlies, verzuim, loonbeslag | 7.210 | 11.540 | verlies | src:1260 p.49, p.37 |
| Mentale gezondheid: stress, GGZ, jeugd-GGZ, zelfdoding | 3.260 | 4.640 | verlies | src:1260 p.49, p.39 |
| Gezondheid fysiek: extra zorggebruik | 490 | 650 | verlies (zorgkosten) | src:1260 p.49, p.40 |
| Onderwijs: voortijdig schoolverlaten | 90 | 220 | verlies | src:1260 p.49, p.41 |
| Wonen en leefomgeving: huisontruimingen | 50 | 90 | verlies | src:1260 p.49, p.41 |
| Veiligheid: slachtofferschap criminaliteit | 180 | 250 | verlies | src:1260 p.49, p.43 |
| Participatie: informele hulp | 10 | 20 | verlies | src:1260 p.49, p.44 |
| Sociale zekerheid: bijstand, WW, uitvoering, jeugdhulp, Wmo | 680 | 900 | grotendeels overdracht | src:1260 p.49, p.47 |
| Totaal | 13.220 | 19.980 | plus PM | src:1260 p.49 |
Aard: verlies is welvaartsverlies of middelenbeslag. Van de sociale zekerheid zijn bijstand en WW (521-713) overdrachten die volgens de MKBA-leidraad niet meetellen; uitvoeringskosten, jeugdhulp en Wmo (148-196) zijn wel middelenbeslag. Zonder de hele post sociale zekerheid resteert 12.540-19.080.
Niet in het totaal (PM in de bron): financiële tekorten van gezinnen, ongezonde levensstijl, ondersteuning onderwijs en leerplicht, leerprestaties van klasgenoten, wooninstabiliteit, gevoel van onveiligheid, daderschap, zelfontplooiing, democratisch draagvlak, onderschatting voor bijna-armen en de doorwerking op lange termijn en tussen generaties. Daarom noemt de bron het totaal minimaal.
Vergelijking, geen optelling: Panteia (src:2438) raamt de kosten van schuldenproblematiek op ten minste 8,5 mld euro per jaar en het IBO (src:2437) de directe kosten in de schuldenketen op minstens 1,1 mld. Die overlappen met de posten hierboven en worden er niet bij opgeteld.
Fysieke infrastructuur raakt armoede nauwelijks direct. Wonen en energie wel: woonlasten en energielasten bepalen de armoedegrens mee (src:2416). Zie ana:87 voor energiearmoede en ana:99 voor de woningmarkt.
Bestaande stopmaatregelen in de deelanalyses: pol:99 (huurtoeslag), pol:113 (kostendelersnorm), pol:136, pol:137, pol:138, pol:139, pol:140, pol:141 en pol:148 (toeslagenstelsel). Deze analyse voegt geen nieuwe maatregelen toe.
De CBS-tabel (src:2415) geeft 92.700 kinderen in armoede voor zowel 2023 (definitief) als 2024 (voorlopig), 2,8%. De 93.000 in de CBS-publicatie is vermoedelijk hetzelfde cijfer, afgerond. De 115.000 kinderen voor 2023 komt uit de methodepublicatie van SCP, CBS en Nibud van oktober 2024 (src:2416), de eerste toepassing van de nieuwe methode; de latere CBS-reeks voor 2023 ligt lager. De precieze oorzaak (voorlopige gegevens of afbakening van de populatie) staat niet in de bronnen. De circa 200.000 kinderen (6,1%) van de Commissie Sociaal Minimum (src:2434) gebruiken de oude methode en zijn niet vergelijkbaar. Gebruik in het gesprek 92.700 tot 115.000 als bandbreedte, met 92.700 als meest recente CBS-cijfer.