“PFAS zit overal” is geen excuus: draai de kraan dicht, ook bij het landbouwgif
Debatfragment Tweede Kamer, 24 september 2026: Kostić (PvdD) en Jansen (PVV) over PFAS-pesticiden. (foto: Video: Partij voor de Dieren via LinkedIn (debatfragment Tweede Kamer, 24 september 2026))
Onbekend
27-9-2026 Partij voor de Dieren (LinkedIn) / CLM-rapport 1236 (oktober 2025) / Burgerplatform Onbekend
In de Tweede Kamer wuifde PVV-Kamerlid Chris Jansen zorgen over PFAS in bestrijdingsmiddelen weg: “Volgens mij zit PFAS in alles.” Maar PFAS zit overal omdat bedrijven het er decennialang in hebben gestopt: fabrieken als Chemours en 3M, en steeds vaker landbouwgif dat afbreekt tot TFA. Het gebruik van PFAS-werkzame stof in pesticiden steeg volgens de inspectie in twee jaar van 250.000 naar 456.000 kilo. Denemarken verbood 33 van die middelen al in 2025, Nederland besluit pas uiterlijk in 2028. Burgerplatform wil eerst stoppen, dan de bron dicht, en de vervuiler laten betalen.
Video: Partij voor de Dieren via LinkedIn. Fragment uit het tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad in de Tweede Kamer, 24 september 2026. Bekijk de video op LinkedIn.
“Volgens mij zit PFAS in alles, niet alleen in bestrijdingsmiddelen.” Met die zin probeerde PVV-Kamerlid Chris Jansen op donderdag 24 september een voorstel van Ines Kostić (Partij voor de Dieren) weg te zetten. Kostić wil dat Nederland werkt aan een verbod op bestrijdingsmiddelen met PFAS. Jansen vond dat zij “de feiten niet op orde” had. Even later zei hij: “Gewasbeschermingsmiddelen zijn geen gif.” De PvdD zette het fragment op 27 september online.
Voor Burgerplatform is dat debat de aanleiding, niet de kern. De kern is deze: “PFAS zit overal” is geen argument om niets te doen. Het is een drogreden. PFAS groeit niet aan bomen. Elke molecuul is ooit door een bedrijf gemaakt, verkocht en in het milieu gebracht. Wie zegt dat het toch overal zit, stelt de vervuiler gerust en laat de burger met de rekening zitten. De vraag die ertoe doet is: welke bedrijven, welke producten, en welk overheidsbeleid laat dat nog steeds toe?
Wat er in de Kamer gebeurde
Het ging om het tweeminutendebat over de Europese Landbouw- en Visserijraad van 28 en 29 september. Kostić diende daar motie 21501-32, nr. 1847 in. Die vraagt de regering om “gezondheid van onder andere kinderen op één te zetten”, met medestanders in de EU te werken aan een verbod op PFAS-houdende bestrijdingsmiddelen en de Kamer dit jaar te laten weten “hoe er eerder dan 2028 nationale maatregelen kunnen worden genomen”.
Staatssecretaris Silvio Erkens (Landbouw) ontraadde de motie, omdat het onderwerp niet op de agenda van de Europese raad stond. Hij vroeg haar aan te houden tot het commissiedebat Gewasbeschermingsmiddelen. Kostić hield de motie aan. Dat debat staat gepland op donderdag 8 oktober 2026.
Jansen diende in hetzelfde debat zelf een motie in: Europa moet de achterstand in de beoordeling van nieuwe werkzame stoffen voor gewasbeschermingsmiddelen “structureel” wegwerken, met bindende termijnen. Het kabinet noemde die motie overbodig, omdat dit al de inzet is. De PVV trok haar daarna in.
Wie had de feiten op orde?
“De meeste mensen hebben een ongezonde hoeveelheid PFAS in hun bloed.” Klopt. Het kabinet schreef in september zelf: “bij vrijwel de gehele Nederlandse bevolking” ligt de hoeveelheid PFAS in het bloed boven de gezondheidskundige grenswaarde.
“Het zit zelfs in moedermelk.” Klopt. Het RIVM vond in juli PFAS in de moedermelk van alle 1629 onderzochte vrouwen. Bij bijna één op de vijf lag de hoeveelheid boven de grenswaarde. Het RIVM raadt borstvoeding overigens nog steeds aan.
“Het gebruik van PFAS-houdend landbouwgif is verdubbeld.” Bijna. Volgens de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) steeg de hoeveelheid PFAS-werkzame stof in gewasbeschermingsmiddelen van 250.000 kilo in 2022 naar 456.000 kilo in 2024. Dat is 82 procent meer in twee jaar.
“Het is een van de grootste bronnen van PFAS.” Klopt voor TFA, de kleinste PFAS. Volgens de ILT komt uit die middelen jaarlijks minstens 21.000 kilo TFA vrij. Daarmee zijn ze “een van de grootste bekende bronnen van TFA-verspreiding in Nederland”. Ook koudemiddelen, industriële lozingen en geneesmiddelen dragen bij.
“Volgens mij is juist een Europees verbod aanstaande.” Dat klopt niet. Het Europese PFAS-restrictievoorstel, dat Nederland in 2023 met vier andere landen indiende, “geldt niet voor werkzame stoffen van bestrijdingsmiddelen”, schrijft het kabinet. En een voorstel van de Europese Commissie wordt pas medio 2027 verwacht.
“Gewasbeschermingsmiddelen zijn geen gif.” Bestrijdingsmiddelen zijn gemaakt om planten, schimmels of insecten te doden. Het onkruidmiddel flufenacet, dat afbreekt tot TFA, verloor in 2025 zijn Europese goedkeuring, omdat het het hormoonsysteem van mens en dier kan verstoren. Het woord “gewasbescherming” verandert daar niets aan.
“PFAS is overal” is een drogreden
PFAS is overal omdat het overal is neergelegd. Dat gebeurde niet vanzelf. Het zijn aanwijsbare bedrijven en producten:
Fabrieken. Chemours, voorheen DuPont, in Dordrecht stootte jarenlang PFOA uit en later GenX. De rechter oordeelde in 2023 dat Chemours aansprakelijk is voor schade door de uitstoot van PFOA in het verleden. Bij de fabriek van 3M in Zwijndrecht, bij Antwerpen, raakten bodem en water ernstig vervuild met PFOS. 3M betaalde de Vlaamse overheid daarvoor 571 miljoen euro.
Producten. Blusschuim, waterafstotend textiel en buitenkleding, en papieren en kartonnen voedselverpakkingen met een vet- en waterafstotend laagje. Via afvalwater, stortplaatsen en bluswerk komt PFAS daaruit in het milieu.
Bestrijdingsmiddelen. Veel moderne middelen bevatten een werkzame stof met een zogeheten CF3-groep. Die maakt het molecuul een PFAS. In de bodem breekt zo’n stof af tot TFA, dat niet verder afbreekt en makkelijk naar het grondwater zakt. Voorbeelden zijn het onkruidmiddel flufenacet en het schimmelmiddel fluopyram. Ook flutolanil, een schimmelmiddel in de aardappelteelt, is volgens de gangbare definitie een PFAS. Volgens onderzoeksbureau CLM (oktober 2025) waren in Nederland 116 middelen toegelaten op basis van 25 PFAS-werkzame stoffen.
Het verschil tussen die bronnen is belangrijk. Industriële PFAS wordt, hoe traag ook, steeds verder aan banden gelegd. De werkzame stoffen in bestrijdingsmiddelen vallen daar buiten. En ze worden niet per ongeluk geloosd, maar elk jaar opnieuw doelbewust over akkers gespoten. De hoeveelheid groeit. Juist daarom is het een bron die de overheid direct kan dichtdraaien.
De rol van PVV en BBB
Burgerplatform ziet een patroon. De PVV en de BBB bagatelliseren het probleem en wijzen naar anderen. Ze komen daarmee niet op voor de burger die het water drinkt, maar voor de industrie die de middelen maakt en verkoopt. Dat is onze duiding. Dit zijn de feiten waarop die duiding rust:
In februari 2026 stemden PVV en BBB tegen een motie-Kostić om in Europa samen met Denemarken te pleiten voor een verbod op PFAS-bestrijdingsmiddelen. De motie werd verworpen, 58 stemmen voor en 92 tegen. Ook CDA, ChristenUnie, VVD, JA21, SGP, FVD en de Groep Markuszower stemden tegen.
Op 23 juni 2026 nam de Kamer met 79 tegen 70 stemmen de motie-Kostić/Zalinyan aan (28089, nr. 373). Die vraagt om een Europees verbod op PFAS-houdende bestrijdingsmiddelen en om te onderzoeken of Nederland eerder zelf maatregelen kan nemen. PVV en BBB stemden tegen, samen met VVD, JA21, SGP, FVD en de Groep Markuszower.
Dezelfde dag stemden PVV en BBB vóór de motie-Goudzwaard/Van Groningen (28089, nr. 376): geen nationale PFAS-maatregelen die verder gaan dan Europa, omdat die “extra lasten voor bedrijven” zouden geven. Die motie haalde het net niet: 72 voor, 77 tegen.
Op 2 juli 2026 stemden PVV en BBB tegen een motie-Kostić om een nationaal kader te onderzoeken waarmee sneller kan worden ingegrepen bij PFAS-pesticiden. Een brede meerderheid, ook D66 en CDA, stemde tegen.
Eerlijk is eerlijk: dezelfde dag stemde de BBB wél vóór een motie-Kostić om dit jaar met een plan te komen om baby’s te beschermen tegen PFAS in moedermelk. De PVV stemde tegen. De motie werd verworpen.
BBB-minister Femke Wiersma wilde in 2025, na het Deense verbod, eerst het oordeel van het toelatingscollege Ctgb afwachten, meldde Trouw. In januari 2026 verklaarde de BBB in Overijssel dat watervervuiling “te eenzijdig” aan de landbouw wordt toegeschreven, en wees naar rioolwater en industrie.
Zo ontstaat een rondje zwartepieten. De een zegt dat PFAS overal in zit, de ander dat de industrie de schuldige is. Maar wie steeds tegen maatregelen stemt die de eigen achterban of het bedrijfsleven raken, laat per saldo alles bij het oude. De rekening komt dan bij de waterbedrijven terecht, en via de waterrekening bij iedereen.
Denemarken handelt, Nederland wacht
Denemarken trok in 2025 de toelating in van 33 middelen op basis van zes PFAS-werkzame stoffen, waaronder fluopyram, fluazinam en diflufenican. Onderzoek had aangetoond dat die stoffen afbreken tot TFA dat in het grondwater terechtkomt. Het Nederlandse Ctgb besloot in december 2025, op basis van dezelfde Deense gegevens, 46 middelen opnieuw te beoordelen. Besluiten komen uiterlijk 30 april 2028. Daarna mogen boeren een middel dat van de markt gaat nog maximaal 18 maanden verkopen en opmaken. In het slechtste geval worden deze middelen dus nog tot in het najaar van 2029 gespoten. Voor de overige 60 procent van de toegelaten PFAS-middelen is nog niet eens bekend of ze TFA vormen.
Bij flufenacet ging het net zo. Europa besloot in mei 2025 de goedkeuring niet te verlengen. Nederland pleitte, op advies van het Ctgb, voor een kortere overgangstermijn, maar kreeg te weinig steun van andere landen. Resterende voorraden mogen volgens de Europese termijnen nog tot uiterlijk 10 december 2026 worden gebruikt.
Truetopia: eerst stoppen, dan de bron, dan pas herstel
Burgerplatform werkt aan een voorstelbare en onderbouwde betere toekomst, die we Truetopia noemen. Dat begint niet met filters, maar met stoppen wat het probleem veroorzaakt. In deze volgorde.
1. Stopmaatregelen: beleid dat het probleem in stand houdt
Toelatingen van PFAS-middelen.Instrument: de toelating door het Ctgb onder de Europese verordening 1107/2009 en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Effect: 456.000 kilo PFAS-werkzame stof in gewasbeschermingsmiddelen per jaar en minstens 21.000 kilo TFA (ILT). Wat moet stoppen: geen nieuwe toelatingen of verlengingen meer voor middelen die TFA vormen, en schorsing op grond van het voorzorgsbeginsel waar dat juridisch kan. Neveneffect: telers verliezen middelen voordat er overal alternatieven zijn. Het Ctgb waarschuwt zelf voor “grote gevolgen” voor de beschikbaarheid. Daarom hoort er steun voor omschakeling bij.
Uitstel en respijttermijnen.Instrument: de herbeoordeling met als einddatum april 2028 en de beleidsregel die tot 18 maanden respijt toestaat. Effect: tot in het najaar van 2029 kan TFA-vorming doorgaan, terwijl Denemarken al in 2025 ingreep. Wat moet stoppen: versnel de herbeoordeling, geef het Ctgb de opdracht en het budget daarvoor, en beperk het opmaken van voorraden tot het minimum. Neveneffect: fabrikanten kunnen bezwaar maken of schadeclaims indienen, en overgebleven voorraden moeten als gevaarlijk afval worden vernietigd.
Wachten op Europa.Instrument: de Nederlandse inzet in Brussel, die vooral wacht op onderzoek van ECHA en EFSA naar TFA-vorming. De resultaten worden pas in de zomer van 2027 verwacht. Effect: jaren vertraging, terwijl het restrictievoorstel werkzame stoffen van bestrijdingsmiddelen niet eens dekt. Wat moet stoppen: de lijn van “geen nationale koppen”. Voer de aangenomen motie 28089, nr. 373 volledig uit. Neveneffect: kans op een ongelijk speelveld met boeren in buurlanden en op het kopen van middelen over de grens. Dat vraagt om handhaving en Europese samenwerking, met Denemarken als bondgenoot.
Vergunningen voor industriële lozingen.Instrument: omgevingsvergunningen van provincies en Rijkswaterstaat. Effect: volgens AT Osborne staan minstens 32 vergunningen PFAS-lozingen toe. Ook TFA komt via industriële lozingen in het water. Wat moet stoppen: geen nieuwe PFAS-vergunningen, en bestaande herzien met nul als doel. Neveneffect: investeringen en mogelijk productieverlies bij bedrijven. Dat is precies waar de kosten horen.
Fiscale behandeling. Een verlaagd btw-tarief voor bestrijdingsmiddelen is er in Nederland niet. Ze vallen onder het gewone tarief van 21 procent. Maar er is ook geen heffing die de schade in de prijs legt. Denemarken heeft sinds 2013 een belasting op bestrijdingsmiddelen die hoger is naarmate een middel schadelijker is voor gezondheid en milieu. Wat moet veranderen: een heffing naar schadelijkheid, met de hoogste tarieven voor middelen die TFA vormen. De opbrengst gaat naar omschakeling en waterbescherming. Neveneffect: hogere kosten voor telers en kans op grensaankopen. Terugsluizen naar de sector en goede handhaving beperken dat.
Lakse handhaving.Instrument: de zorgplicht en de minimalisatieplicht voor zeer zorgwekkende stoffen. Effect: volgens de ILT is er “onduidelijkheid” over die plicht in de open teelt, en dat “belemmert de effectieve aanpak”. Wat moet veranderen: maak de plicht expliciet en handhaaf erop, te beginnen rond drinkwaterbronnen. Neveneffect: meer toezichtscapaciteit nodig bij provincies, omgevingsdiensten en de NVWA.
2. Bronmaatregelen: de kraan dicht
Een verbod op PFAS-bestrijdingsmiddelen. Begin direct in de grondwaterbeschermingsgebieden, die twee derde van ons drinkwater leveren, zoals de ILT en de drinkwaterbedrijven voorstellen. Volg daarna het Deense voorbeeld met een landelijk verbod op middelen die TFA vormen.
Een Europees verbod. Laat alle werkzame stoffen die TFA vormen versneld herbeoordelen, en zorg dat het Europese PFAS-restrictievoorstel geen achterdeurtjes houdt, ook niet voor hulpstoffen in bestrijdingsmiddelen. Voor blusschuim en voedselverpakkingen gelden al Europese PFAS-verboden. Voor textiel en kleding kan Nederland zelf voorop lopen.
Alternatieven in de landbouw. Onderzoek van het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM) laat zien dat er in de teelt van consumptieaardappelen alternatieven zijn voor PFAS-middelen. Denk aan resistente rassen, ruimere vruchtwisseling, mechanische onkruidbestrijding, geïntegreerde gewasbescherming en groene middelen. De biologische landbouw laat zien dat het kan. Betaal boeren die omschakelen voor het schone water dat ze ons leveren.
3. Herstel: de vervuiler betaalt
Pas als de bron dicht is, heeft opruimen zin. Het gaat om grote bedragen. Als alle grondwaterwinningen te veel TFA krijgen, kost extra zuivering volgens een onderzoek voor het ministerie van IenW ruim 4,4 miljard euro aan investeringen en ongeveer 340 miljoen euro per jaar. De techniek die TFA kan verwijderen, omgekeerde osmose, kost veel energie en laat ongeveer 20 procent van het water achter als sterk vervuild afvalwater. Die rekening hoort niet op de waterrekening. Leg haar bij de makers en toelatingshouders van PFAS-middelen en bij de lozende industrie: via aansprakelijkheid, een heffing, een PFAS-fonds en producentenverantwoordelijkheid. Het precedent van 3M in Vlaanderen laat zien dat het kan.
Wat het fysiek raakt
Drinkwater en waterwinning. Drinkwater uit rivierwater bevat nu al meestal meer PFAS dan de RIVM-richtwaarde, grotendeels TFA. Volgens de ILT zit TFA binnen twintig jaar ook in het diepe grondwater boven de waarde die het RIVM adviseert, als er niets verandert.
Bodem en landbouwgrond. TFA wordt op de akker gevormd en blijft. Wat vandaag wordt gespoten, belast de bodem en het grondwater voor generaties.
Voedselketen. TFA wordt opgenomen door gewassen. De NVWA begint dit najaar pas met het meten van TFA in tarwe. De Europese voedselautoriteit EFSA verlaagde in juli 2026 de veilige grens voor TFA.
Natuur en biodiversiteit. ECHA stelde voor TFA te classificeren als zeer persistent en zeer mobiel. Flufenacet werd niet verlengd, mede omdat het ook het hormoonsysteem kan verstoren van dieren die het middel niet moest raken.
Gezondheid. PFAS kan het immuunsysteem, de lever en de ontwikkeling van ongeboren kinderen schaden. Voor TFA stelde ECHA een classificatie voor als vermoedelijk schadelijk voor de voortplanting en het ongeboren kind.
Eerder schreven we over een kinderopvang in Den Haag die uit voorzorg stopte met kraanwater (artikel 2099, ‘Kinderopvang stopt met kraanwater: stop PFAS bij de bron en laat de vervuiler de filters betalen’). Daar ging het vooral om industriële lozingen in de Rijn en de Maas. Dit artikel laat de andere kant zien: de bron die elk voorjaar opnieuw op het land wordt gespoten.
Wat nu?
Op 8 oktober debatteert de Kamer over gewasbeschermingsmiddelen. Daarna kan de aangehouden motie-Kostić in stemming komen. Dan wordt zichtbaar wie kiest voor schoon drinkwater en wie voor uitstel. Truetopia is geen droom. Het is een land waar een kind over twintig jaar water uit de kraan drinkt dat niet eerst met veel energie en geld van TFA moet worden ontdaan, omdat we de kraan op tijd hebben dichtgedraaid.
Bron: Partij voor de Dieren, LinkedIn-video ‘PFAS horen niet thuis in ons bloed…’ (27 september 2026). Aanvullend: Tweede Kamer, ongecorrigeerd stenografisch verslag van het tweeminutendebat Landbouw- en Visserijraad (24 september 2026) en motie 21501-32, nr. 1847; moties 28089, nr. 373 en nr. 376, 26991, nr. 600 en nr. 601, en 2026D04906 met stemuitslagen (Tweede Kamer, via OpenTK); ILT, ‘Risico’s van TFA voor onze drinkwaterkwaliteit’ en nieuwsbericht (11 september 2026); ministers van IenW en LVVN, beleidsreactie op het ILT-rapport (Kamerstuk 2026D42909, september 2026); RIVM, PFAS in moedermelk (1 juli 2026), via NOS; Ctgb, ‘Ctgb gaat middelen met PFAS opnieuw beoordelen’ (18 december 2025) en informerende nota over flufenacet (maart 2025); uitvoeringsverordening (EU) 2025/910 over flufenacet; Miljøministeriet en Miljøstyrelsen, Denemarken (juli en september 2025); CLM Onderzoek en Advies, rapport 1236 (oktober 2025, in opdracht van zeven provincies en Vewin; peildatum september 2025); Trouw, via Joop/BNNVARA (18 november 2025); H2O Waternetwerk, ‘BBB: watervervuiling te eenzijdig toegeschreven aan landbouw’ (28 januari 2026); Vewin en Unie van Waterschappen (september 2026); Wet op de omzetbelasting 1968, tabel I; Miljøstyrelsen, pesticidenheffing; AT Osborne, inventarisatie PFAS-lozingsvergunningen (2023).
Video: Partij voor de Dieren via LinkedIn. Kamerleden Ines Kostić (PvdD) en Chris Jansen (PVV) in het debat van 24 september 2026 in de Tweede Kamer. Originele post op LinkedIn.